En daarna…?      

En daarna zie je ze niet meer” hoort men zeggen. Het was nog zo een mooie viering, met uitnodigende teksten waar iedereen zich moeiteloos kon in vinden. Er werd zelfs een lied gezongen, eenmalig getoondicht voor deze speciale gelegenheid.  Lovenswaardige inspanningen die de catechisten zich vooraf hadden getroost. Het ‘resultaat’ is inderdaad meestal van zeer korte duur want “de volgende zondag zie je ze al niet meer terug”..

Het is natuurlijk geen nieuw fenomeen : deze trend is reeds langer aan de gang. Vele ouders hechten  aan deze publieke gebeurtenis echter nog een zekere traditionele waarde. Als de schoolkameraadjes er ook bij zijn, leraars positief ingesteld zijn, grootouders voorzichtig hun invloed laten gelden. Toch is  alles minder vanzelfsprekend geworden. De ‘seculiere maatschappij’, weet u wel.

Religie zit in een verdomhoekje. Het Instituut Kerk heeft het hard te verduren in de media terwijl een andere wereldgodsdienst zich meer en meer manifesteert. Spijtig genoeg bijwijlen op een zeer extreem-negatieve wijze.

Ik mijmerde er over toen ik de week daarop na de hoogmis even de oude begijnhofkerk binnenwipte waar de Roemeens-Orthodoxe eredienst wordt gehouden. (Alleen al  voor de warme diepe stem van de voorganger en de exotische geuren van  het wierook blijf ik er graag even vertoeven). Hier valt het op: ouders en kinderen nemen samen deel aan de viering. Buiten bleef ik even staan in de herfstige kerktuin en zag ze één na één dit godshuis binnengaan: ouders mét hun kroost. Het beeld van onze jeugdjaren flitste even door mijn geest. Hoe lang zal bij hen deze traditie de tand des tijds trotseren?

Zoals Mgr. De Kesel het opmerkt in zijn laatste boek: “Een bladzijde is gekeerd.  Het wordt niet meer als vroeger. Maar het einde?”  Het zal anders zijn, zoveel is zeker. Meer persoonlijke bewustwording en reflectie zullen nodig zijn. Niet zomaar de massa nalopen maar er zélf een persoonlijke overtuiging op nahouden én consequent beleven. Schrijft de hoofdredacteur van K § L: ”Ook wie oprecht gelovig is, moet blijven zoeken. Dat geldt evenzeer voor de ongelovige(!?).  De zoektocht leidt altijd tot een portie twijfel, maar juist die twijfel vergroot de kwaliteit van gelovig of niet-gelovig zijn”. Trouwens, is vorming en bijscholing niet van toepassing op alle domeinen van het leven? Tot in onze gewone dagelijkse taken toe?

Met mensen van de plek waarvan ik afkomstig ben blijf ik in contact door o.a. deelname aan hun Bijbelgroep. Na onze laatste maandelijkse bijeenkomst passeerde ik mijn oude school. Ruim een halve eeuw geleden heb ik er ‘mijn broek versleten’ van in de kleuterklas tot het laatste middelbaar. Aangenaam verrast las ik het opschrift boven de oude brede ingangsdeur: ‘LEREN LEVEN’. De school van mijn jeugd blijft dus wel degelijk ‘bij de tijd’. Twee woorden, even lang, met slechts één letter verschil. Simpeler kan niet. Ik zou het echt niet beter kunnen formuleren.

Marcel